Huize Ten Dries

Onderstaande informatie werd overgenomen uit de brochure van Huize Ten Dries.

Htd.jpg

Inleiding

Het verblijf in een 'instelling' werd vroeger vaak aanzien als een straf voor kinderen en hun ouders. Het opvoeden van de kinderen lukte niet te best en dus werden de kinderen 'afgepakt' en 'geplaatst', liefst een eindje weg van thuis. Eenmaal de jongeren volwassen werden, dan konden ze naar het 'normale' leven terugkeren.

De bijzondere jeugdbijstand is sindsdien echter grondig veranderd. Net als vele andere voorzieningen is Huize Ten Dries thans een hedendaags begeleidingstehuis. Niet alleen de kinderen en jongeren vinden er de gepast opvang en begeleiding, ook de opvoedingsverantwoordelijken en familie krijgen een voorname plaats in hun werking. Het is immers de bedoeling dat een intense ondersteuning ertoe bijdraagt dat elkeen zijn plaats in de en zijn opvoedingsverantwoordelijkheid ten volle terug innemen.

Wellicht is dit uw eerste kennismaking met een voorziening in de Bijzondere Jeugdbijstand. Hier zullen wij proberen u de meest relevante informatie over Huize Ten Dries en haar werking te geven:

Voorstelling Huize Ten Dries

Huize Ten Dries is een begeleidingstehuis binnen de bijzondere jeugdbijstand, erkend en gesubsidieerd door de Vlaamse Overheid sedert 1973, en is gebonden aan de erkenningsvoorwaarden en subsidienormen voor de voorzieningen.

Huize Ten Dries behoort samen met dagcentrum De Fitting te Harelbeke en dagcentrum Het Scharnier te Zwevegem tot de overkoepelende organisatie "Jongerenzorg Zuid-West-Vlaanderen vzw".

Opname en begeleiding kan van start gaan na goedkeuring door een verwijzer (Comité Bijzondere Jeugdzorg of de Jeugdrechtbank).

Huize Ten Dries ligt in Sint-Denijs, een landelijke deelgemeente van Zwevegem. Daardoor heeft de voorziening een vrij open karakter.

Huize Ten Dries is erkend voor de opname en begeleiding van maximum 30 jongeren van O tot 20 jaar. In de voorziening zijn er 2 leefgroepen (De Saffier en De Toermalijn) ondergebracht. Elke leefgroep beschikt over voldoende infrastructuur om 15 jongeren te begeleiden.

De leiding van elke groep berust bij een team van tien begeleiders. Regelmatig komen zij samen om de lopende zaken te bespreken en bij te sturen. Elke jongere krijgt een aandachtsbegeleider toegewezen die oog heeft voor alle regelingen, vragen en problemen met betrekking tot de jongere. De gezinsbegeleider staat in voor de samenwerking met het gezin en de begeleiding van het gezin.

De leefgroepen richten zich op kinderen en jongeren van klein naar groot, waarbji het aanbieden van structuur, een veilig en aangenaam leefklimaat en het groepsgebeuren basisbegrippen zijn. Voor de oudsten wordt de klemtoon op emancipatie, individuele benadering, integratie in de samenleving en zelfstandigheid gelegd.

De twee leefgroepen zijn in hetzelfde gebouw ondergebracht, in gelijkaardige lokalen gevestigd en gescheiden door het secretariaat en vergaderlokalen. Elke leefgroep heeft z'n eigen voordeuren aan de straatkant en achterdeuren die uitgeven op de omheinde speelplaats. Er is een gemeenschappelijke wasruimte. Elke leefgroep is onderverdeeld in verschillende ruimtes. Sommige ruimtes zijn specifiek gericht op subgroepen en zijn soms enkel gescheiden door heuphoge tussenmuren. Er zijn 2 slaapgangen voor kinderen die afgescheiden zijn van de slaapgangen voor de oudsten.

Voor wie?

Een gezin met kinderen waarin alles gesmeerd loopt…iedere ouder, kind of jongere droomt ervan. Doch in werkelijkheid is dit niet zo vanzelfsprekend. Heel wat omstandigheden kunnen opvoeden tot een zware opdracht maken.
Je zoon of dochter stelt moeilijk gedrag. Je vraagt je af hoe je er best mee omgaat. Bepaalde gezinssituaties wegen zo sterk door dat alles teveel wordt. Als puber of adolescent wil je je eigen levensstijl uitbouwen… Thuis denken ze er echter anders over. Dagelijks zijn er ruzies over studeren, relaties, uitgaan,…
Op school lukt het niet. Je resultaten zijn slecht. Het interesseert je niet meer. Tijdens zo'n periodes kan je best wat hulp en ondersteuning gebruiken. Soms is samenleven in het gezin voor een korte of langere periode niet meer mogelijk.

Visie

De vraag om hulp vormt echter het uitgangspunt van hun begeleiding. Die hulpvraag kan gesteld worden door de ouders of andere opvoedingsverantwoordelijken, de jongere of maatschappelijke instanties.
Hulp verlenen zien ze als een samenwerkingskwestie tussen de hulpverlener en de hulpvrager waarbij de hulpverlener tracht een toelating te verkrijgen van de hulpvrager. Vanuit deze toelating kunnen algemene en concrete doelen bepaald worden en dit wordt voortdurend geëvalueerd en bijgestuurd.
We zien de opvoeding als een complex gebeuren dat verweven is met andere aspecten van het gezinssysteem (de persoonskenmerken, onderlinge relaties, context van het gezin, vroegere levenservaringen,…).
In hun hulpverlening trachten ze en zo groot mogelijk deel van de opvoeding en begeleiding toe te (blijven) vertrouwen aan het gezin; werken ze aanklampend en tijdelijk; is er respect voor de verntwoordelijkheid van het gezin en wordt de inzet van het gezin erkend; worden de mogelijkheden van het gezin aangesproken en gestimuleerd en worden de ouders en de jongeren gevraagd om te helpen zoeken naar oplossingen; wordt getracht om planpatig en gestructureerd te werken; is er aandacht voor het denken, het voelen en het gedrag, voor de verschillende levensdomeinen en voor verleden-heden-toekomst.
In hun hulpverleningsvorm worden verschillende werkvormen door elkaar gehanteerd; de groepswerking, een aantal vaardigheden bijbrengen bij de jongere en de ouders, en worden er elementen gebruikt ui de contextuele benadering, het systeemdeken, de communicatieleer, Heimler en Patterson.

Structuur en organisatie

Doelgroep

Gezinsgericht werken

De belangrijkste doelstelling is meestal om een terugkeer naar huis te realiseren. Een van de belangrijkste pijlers binnen de werking is dan ook de samenwerking met het gezin. Het thuismilieu staat centraal en primair. We vinden dat een jongere moet gesitueerd bijven in en gezinscontext of een breder netwerk. Daarom is het van groot belang dat er van in het begin een werkrelatie kan groeien tussen de begeleiding en het gezin waar er plaats is voor respect en openheid. De begeleiding kijkt met een brede bril naar het gezin. Verder wordt er wederzijds informatie uitgewisseld en wordt het gezin zoveel als mogelijk verantwoordelijkheid gelaten of gegeven. Een derde pijler is om veranderingen te bewerkstelligen in het gezin. Hierbij vinden we het belangrijk dat de ouders en de jongere meeweten, meedenken, meepraten, meebeslissen en meedoen. De gezinsbegeleider tracht ordening te steken bij de mogelijke oplossingen en kan een plan opstellen.

De ouders of opvoedingsverantwoordelijken kunnen de jongere opbellen in de leefgroep. Elke leefgroep heet een eigen telefoontoestel en een eigen telefoonnummer en is tevens bereikbaar op een eigen GSM-nummer. De aandachtsbegeleider en de ouders maken afspraken daarrond. Ook de jongere kan zijn ouders, andere familieleden of vrienden opbellen vanuit de leefgroep, mailen, chatten of SMS'en. Bezoeken van de ouders aan de jongere in de leefgroep en een weekendregling en de vakantieregeling worden afgesproken met de gezinsbegeleider. De consulent van het Comité Bijzondere Jeugdzorg wordt op de hoogte gehouden van de contacten en indien de Jeugdrechtbank de verwijzende instantie is moet de Jeugdrechter zijn toestemming even indien er buiten de voorziening overnacht wordt. Er wordt aan de ouders gevraagd om zelf in te staan voor het afhalen en terugbrengen van de kinderen. Jongeren van 12 jaar kunnen gebruik maken van het openbaar vervoer. Indien geen van beiden mogelijk is kan de begeleiding van Ten Dries instaan voor vervoer.

Contacten buiten Huize Ten Dries

Samenwerking met de consulent

Omdat de begeleiding loopt met goedkeuring van een verwijzer (Comité Bijzondere Jeugdzorg of Jeugdrechtbank), wordt de consulent op de hoogte gehouden van het verloop van de begeleiding. Minstens zesmaandelijks is er een bespreking met de consulent, de ouders, de jongere, de gezinsbegeleider en de m.a. Tussendoor zijn er een aantal telefonische contacten waarbij belangrijke zaken i.v.m. de begeleiding doorgegeven worden of waarbij het advies van de consulent gevraagd wordt. Een ernstige gebeurtenis moet ook doorgegeven worden aan de inspectie van de administratie.

Samenwerking met andere hulpverleningsdiensten

Soms worden voor de jongere en/of het gezin andere relevante personen of hulpverleningsdiensten betrokken (b.v. Centrum Geestelijke Gezondheidszorg, OCMW,…). Indien het aangewezen is in het kader van de begeleiding, indien in het belang van de jongere of het gezin is en na overleg met het gezin of de jongere (indien mogelijk), kan er info worden doorgegeven worden aan een andere hulpverleningsdienst.

Gezondheidszorgen

De voorziening staat in voor een passende medische verzorging en de medische voorschriften worden nageleefd. We vragen aan de ouders dat zij zoveel als mogelijk mee instaan voor de organisatie bij gezondheidszorgen. Toch kan het gebeuren dat er dringende medische hulp nodig is en daarom vragen we de toestemming aan de ouders om zelf de dringende medische hulp te organiseren. De ouders worden daarbij zo spoedig mogelijk op de hoogte gebracht. In afspraak met de ouders en de jongere wordt er een huisarts aangeduid die het medisch dossier beheert. De patiëntenrechten worden nageleefd; bij minderjarigen oefenen de ouders de rechten uit of door de minderjarige zelf indien hij door de zorgverlener in staat wordt geacht een redelijke beoordeling van zijn belangen te kunnen maken. De jongeren blijven ten laste staan bij diezelfde titularis bij het ziekenfonds (meestan de vader of de moeder). Het is belangrijk dat het dossier bij het ziekenfonds in orde is.

School

Indien mogelijk blijven de jongeren naar dezelfde school gaan. Indien dit niet mogelijk is wordt samen met de ouders en de jongere een andere school met dezelfde richting gezocht. De lagere schoolkinderen kunnen schoollopen in de gemeentelijke lagere school in Sint-Denijs. Bijzonder lager onderswijs is mogelijk in Zwevegem, Kortrijk en Deerlijk. De dichtste middelbare scholen zijn in Avelgem, Zwevegem en Kortrijk. Naar en van school gaan gebeurt te voet, met de fiets, de schoolbus of de lijnbus, afhankelijk van de school en de leeftijd. In afspraak met de ouders houdt de aandachtsbegeleider contact met de klastitularis. Oudercontacten kunnen bijgewoond worden in afspraak met de ouders; door de ouders, de aandachtsbegeleider of bieden samen. Het rapport wordt steeds aan de ouders bezorgd. De begeleiding neemt een kopie van het rapport. De agenda wordt nagekeken door de begeleiding van de leefgroep. Er wordt afgesproken tussen de ouders en de aandachtsbegeleider wie de agenda ondertekent. De briefwisseling van de school en het CLB wordt in principe gericht aan de begeleiding van de leefgroep.

Praktische informatie

Concrete werking

Unless otherwise stated, the content of this page is licensed under Creative Commons Attribution-ShareAlike 3.0 License